Neem P0301 als voorbeeld. De letter geeft het systeem aan: P aandrijving, B carrosserie, C onderstel, U netwerk. Het eerste cijfer laat zien of de code generiek (0) of merkspecifiek (1) is, het volgende cijfer het deelsysteem – 3 staat voor ontsteking en overslaan – en de laatste twee cijfers de concrete storing, hier cilinder 1.
Generieke en merkspecifieke codes
Generieke codes zoals P0420 zijn vastgelegd in SAE J2012 en ISO 15031-6 en betekenen bij elke auto met OBD/EOBD hetzelfde. Merkspecifieke codes, bijvoorbeeld die met P1 beginnen, bepaalt elke fabrikant zelf; ze kunnen per merk iets anders betekenen. Zoek ze dus altijd op voor jouw merk – een eenvoudige codelezer toont niet alle merkcodes.
Motorlampje: brandt het of knippert het?
Brandt het lampje continu, dan is er een storing opgeslagen – meestal kun je doorrijden, maar laat de code snel uitlezen en controleer eerst de tankdop. Knippert het, dan slaat de motor op dat moment over, waardoor de katalysator oververhit en beschadigd kan raken. Verlaag dan meteen snelheid en belasting en laat de auto zo snel mogelijk nakijken.
Zo werken foutcodes van apparaten
Apparaten met een display tonen een code zoals E24 of F21; modellen zonder display melden storingen met knipperende lampjes, waarbij het aantal knipperingen of het patroon van brandende lampjes de code vormt. Dezelfde code kan bij verschillende merken – soms zelfs bij modelseries van hetzelfde merk – een heel andere storing betekenen. Koppel de code dus altijd aan je merk en model.
Wij gebruiken cookies om advertenties te tonen en deze site gratis te houden. Je kunt accepteren of weigeren. Cookiebeleid